Flink deel van de jongeren al voor corona ‘niet lekker in zijn vel’

Publicatiedatum: Dinsdag 14 juli 2020

Logo GGD hart van Brabant

 

Een op de drie jongeren in de GGD regio Hart voor Brabant is eenzaam. Deze jongeren missen een relatie met een goede vriend(in), of goede contacten met bijvoorbeeld klasgenoten, teamgenoten of collega’s. Een op de vijf jongeren voelt zich psychisch ongezond en dat is meer dan 4 jaar geleden. Bovenop deze al bestaande problematiek, komen de mogelijke gevolgen van de corona-crisis. We kunnen aannemen dat de crisis en de daarbij behorende maatregelen voor jongeren behoorlijk ingrijpend zijn geweest. De GGD Hart voor Brabant adviseert gemeenten dan ook om de komende tijd stevig in te blijven zetten op (signalering van) psychische problematiek bij adolescenten.

Digitale vragenlijst

De jongerenmonitor is uitgevoerd in het najaar van 2019. Ruim 10.000 jongeren van 12 tot en met 18 jaar uit de GGD regio Hart voor Brabant informeerden ons -via de digitale vragenlijst- over hun gezondheid, welzijn en leefgewoonten ten tijde van het ‘oude normaal’.

Grootste uitdaging is verbeteren mentaal welbevinden

Uit de Jeugdmonitor blijkt dat een flink deel van de jongeren al tijdens het ‘oude normaal’ niet ‘lekker in zijn vel’ zat. Vooral jongeren met een niet-westerse migratieachtergrond, 16-plussers, en jongeren in een eenoudergezin ervaren problemen. Ook blijken steeds meer jongeren zich onveilig te voelen. Bijna 3 op 10 jongeren voelt zich wel eens onveilig (tegen 2 op 10 in 2016). Jongeren voelen zich onder andere onveilig in hun eigen buurt of tijdens het uitgaan. Vooral veel meisjes voelen zich onveilig. Om het welzijn van jongeren te verbeteren, zijn steun en begeleiding vanuit de omgeving cruciaal.

Minder rokers

De trends voor roken zijn positief. Dagelijks roken komt onder de jongeren nog maar weinig voor; slechts 2% rookt iedere dag een sigaret. Ook het roken van waterpijp en blootstelling aan rook van anderen blijven dalen. Maar omdat het zo moeilijk is om met roken te stoppen, en je er beter nooit aan kan beginnen, loont het om te blijven investeren in een rookvrije omgeving.

Aandacht voor alcohol- en drugsgebruik blijf nodig

Bij 90% van de jongeren zijn er thuis regels over alcoholgebruik, 38% van de ouders verbiedt alcoholgebruik. Ondanks dat, drinkt een kwart van de jongeren veel te veel (bingedrinken). De afname in bingedrinken (31% in 2011 en 23% in 2016) zet daarmee niet verder door. Hetzelfde beeld zien we voor jongeren die recent dronken of aangeschoten zijn geweest. Naast het niet verder afnemende alcoholgebruik is het zorgwekkend dat jongeren steeds vaker middelen krijgen aangeboden. Onder 16-plussers krijgt de helft wel eens middelen aangeboden en heeft een kwart wel eens middelen gebruikt. Vooral lachgas is populair. Het gebruik van lachgas onder 16-plussers nam toe van 5% in 2016 naar 11% in 2019.

Last door oortjes en muziek

Veel jongeren gebruiken oortjes of een koptelefoon. Een op de vijf jongeren heeft na het gebruiken daarvan soms of vaak last van het gehoor. De helft heeft last van het gehoor als zij op een plek met harde muziek zijn geweest. Omdat gehoorschade niet te genezen is, is preventie door het beschermen van het gehoor en het creëren van een veilige omgeving erg belangrijk. Dit kan bijvoorbeeld door het dragen van oordoppen met muziekfilter tijdens het uitgaan of door het volume van muziek op de telefoon te begrenzen. Ongeveer een kwart van de jongeren gebruikt wel eens gehoorbescherming. Op plekken met harde muziek doet slechts 6% van de jongeren dat altijd.

Meer water

Positief is dat er steeds meer jongeren water drinken. Het percentage jongeren dat dagelijks water of thee zonder suiker drinkt, nam toe van 62% in 2016 naar 72% in 2019. Het gebruik van energiedrankjes is gedaald. Het percentage jongeren dat wel eens energiedrankjes drinkt, daalde van 25% in 2016 naar 19% in 2019. Water drinken op school en tijdens sporten lijkt voor jongeren onderdeel te worden van het nieuwe normaal.